Nieuwe buren op en rond De Warren

We krijgen bij De Warren steeds meer nieuwe buren. Vorig jaar waren ze al te zien, op verschillende plekken, op en rondom ons gebouw, ook aanwezig op feestjes, vooral die in de buitenlucht. Ze hebben verschillende huisjes gemetseld, van volledig natuurlijke materialen. Sommigen van hen zijn actief met het schoonmaken van organisch materiaal dat verspreid blijft liggen op en rond het huis. Anderen zijn meer actief met het groenbeheer, de een als bestuiver, de ander door de blaadjes bij te punten. Het is soms wel een beetje een lawaai, vooral het getjirp gaat door tot vrij laat in de nacht. Er wonen nu een boel van hen bij ons in het insectenhotel, anderen vinden hun thuis onder blaadjes of in andere hoekjes. Ze metselen hun eigen kamertjes, de een van zelfgemaakt papier en anderen van zand-cement. We zijn heel blij met onze nieuwe buren, ze maken het leven op het dakterras gezellig en helpen met opruimen. De aankomende weken zullen ze weer actief aan de slag gaan met het inrichten van hun eigen huisjes, het leggen van de eitjes, zodat hun jongen volgend jaar weer met goede moed de lente tegemoet zullen treden, wanneer de blaadjes weer groeien en de bloemen weer bloeien.

Hieronder de nieuwe buren, met naam en toenaam en meest opvallen kenmerken:

Rozemarijngoudhaantje (Chrysolina Americana)

  • Overdag actief, vooral op zonnige dagen zichtbaar op toppen van planten

  • Zowel de kevers als de larven eten van de bladeren en toppen van planten uit de lipbloemenfamilie, zoals rozemarijn, lavendel, tijm en salie 







Tronkenbij (Heriades Truncorum)

  • Ze verzamelen boomhars en mengen dit met zandkorrels, kleine steentjes of houtvezels en stukjes van bladeren.

  • Voordat ze de buitenkant dichtmaken, bouwen ze binnenin de stengels van pure hars om zo verschillende broedcellen achter elkaar te maken




Rosse Metselbij (Osmia)

  • Ze hebben een relatief dikke kop en een stevig, compact lichaam dat vaak een lichte metaalglans heeft (brons, blauw of groenachtig) 

  • Ze zijn solitair (ze leven niet in een groot volk zoals de honingbij), maar nestelen soms wel dicht bij elkaar. Metselen hun huisje van modder, klei en lemig zand, dat ze mengen met water of hun eigen speekse

Ratelaar (Chorthippus biguttulus)

  • Bruine schutkleur met een gestreept achterlijf

  • Het mannetje staan bekend om hun luide, ratelende tjirp-geluid, waarmee ze vrouwtjes lokken



Grote groene sabelsprinkhaan (Tettigonia viridissima)

  • Kan wel 8 centimeter lang worden, waarmee het de grootste sprinkhaan van Nederland is

  • Ze zijn roofzuchtig en eten andere kleine insecten maar knabbelen soms ook aan planten


Akkerhommel (Bombus pascuorum)

  • Harig, goudbruin tot rossig borststuk en een donker en licht geringd achterlijf

  • Belangrijke bestuivers die nectar en pollen verzamelen van diverse bloemen



Echte vlieg (Muscidae domestica)

  • Donkergrijs tot zwart borststuk

  • Aangetroffen op bladeren of bloemen. Ze zijn de opruimers van de natuur





Bijvlieg (Eristalis arbustorum)

  • Een zweefvlieg die lijkt op een bij, maar heeft maar twee vleugels (diptera) in plaats van vier zoals bij een gewone bij en kan niet steken

  • Eten nectar en stuifmeel en zijn daarmee ook belangrijke bestuivers


Rosse metselbij (Osmia bicornis)

  • Mannetje heeft een licht witachtig of grijzig behaard gezicht, vrouwtje volledig zwart

  • Solitaire bij. Ieder vrouwtje is een vruchtbare ‘koningin’ op zich. Ze bouwt haar eigen nest, verzamelt stuifmeel en legt haar eigen eitjes zonder hulp van werksters. Niet agressieve soort omdat er geen honing beschermd hoeft te worden


Franse veldwesp (Polistes dominula) 

  • Maken open papieren nesten. Het papier maken ze door hout te kauwen en verwerken van de trap van de Toekomstgroep. 

  • Jaagt op andere insecten en zoekt nectar op bloemen. Zijn niet agressief en vallen geen mensen lastig, tenzij direct bedreigt 



Langbootmug (Tipulidae Nephrotoma)

  • Volwassen langpootmuggen prikken niet, zijn onschuldig voor mensen en eten nauwelijks (hoogstens een beetje nectar)

  • Ze leven maar kort (enkele dagen tot maximaal twee weken) om te paren en eitjes te leggen


Lieveheersbeestje

  • Kenmerkend bol rood dekschild met zwarte stippen

  • Ze eten voornamelijk bladluizen (en soms mijten, schimmels zoals meeldauw of stuifmeel). Een volwassen exemplaar kan wel 100 bladluizen per dag opeten

Editing Website